Zonder vragen deed ze wat hij haar vroeg. Als het hem gerust kon stellen, deed ze het gewoon. Ook al was hij het na een paar minuten al vergeten en zou hij het opnieuw vragen.
Soms dacht ze: ‘Deze keer doe ik het niet. Deze keer loop ik naar de gang, wacht bij de deur en kom weer terug.’
Maar hij liet zich niet misleiden. Hij moest haar naar buiten zien lopen. Zien dat ze de brievenbus opende, zich naar hem toekeerde en haar hoofd schudde. Ook al wisten ze allebei dat de postbode vandaag niet meer zou komen.