Geluksmuntje

Met een metaaldetector in de ene en een schepje in de andere hand zoekt hij de bosgrond af.

‘Wat zoekt u?’ vraag ik.

‘Ik zoek munten,’ antwoordt hij en uit zijn accent begrijp ik dat hij niet van hier is.

‘Heeft u al veel gevonden?’

Hij legt zijn gereedschap neer en diept uit zijn zak wat kleingeld op. Kiest een 50-centsstuk uit en steekt het me toe.

‘Voor u,’ zegt hij simpelweg.

Met een glimlach neem ik het aan en zeg:

‘Gelukkig nieuwjaar.’

Vogel voor de kat

Ze ligt op het tuinpad. Op haar zij. Niets aan haar beweegt. Alleen haar ene oogje gaat even open en weer dicht.

Voorzichtig neem ik haar in mijn hand en voel hoe haar hartje jaagt. Vol angstig leven is ze, maar wegvliegen kan ze nog niet.

Van een rieten mandje maak ik een nestje en vlij haar er zachtjes in. Stel haar veilig voor de kat. In de verte hoor ik haar vriendjes kwetteren.

Dan richt ze zich op en strijkt haar vleugels glad. Ze laat een windje, springt het mandje uit en verdwijnt onder de hortensia.

IJsklontjes tikkelend tegen het glas

‘Als je het hoofd maar koel houdt.’ Puffend veegt ze het zweet van haar gezicht.
Ik nip van mijn muntthee en denk aan ijsklontjes tikkelend tegen het glas, bevroren rivieren, eindeloze sneeuwvlaktes met poolhonden die de rijp uit hun vacht schudden, …
Denken aan koude dingen helpt.

Lui pak ik de krant en zie hoe een afgebroken ijsschots hoog uittorent boven een dorpje in Groenland.
Zelfs het nieuws doet mee, denk ik nog loom.
Dan realiseer ik me wat ik daar lees. En kan ik opnieuw beginnen met het denken aan koude dingen.

Carolien

‘Dag Harry, dit is Carolien. Zo Carolien, dit is je vader.’
Als vanuit het niets toverde ze een pukkelig wezen tevoorschijn.
‘Ze wilde het zelf,’ beet ze hem toe en verliet daarna op hoge hakken het cafeetje.
‘Nou, ga dan maar zitten,’ zei hij en onwillekeurig zocht hij in haar gezicht naar iets wat op hem leek.
Hij hád geen dochter. Ook geen zoon trouwens. Na Gerda had hij met niemand ooit nog iets gehad.
Carolien keek hem vorsend aan, alsof ze een besluit moest nemen.
‘Nou pa,’ zei ze tenslotte, ‘ik lust wel cola.’

sms-reisverslag

Sms reisverslag

 

09.45   IC Brussel-Zuid, spoor 15

Ik zit in zo’n mooie nieuwe blauw-gele NS-trein

09:37

 

.               Lijkt me iets voor een ultrakort verhaal …

.              09:39

 

You read me

09:41

 

Het ticket is niet volledig uitgeprint. QR-code ontbreekt

10:15

 

.               Maar ik heb wel een QR-code op mijn scherm …

.               10:18

 

Afdrukstand was verkeerd. Moet verticaal

10:24

 

.              Dan kan je Rotterdam Centraal Station niet uit

.              10:28

 

Inderdaad. Gelukkig heb ik een Hollandse mond …

10:31

 

… en ik geef jou de schuld 🙂

10:33

 

 

Dorst

Ze stapte in bij tramhalte Boetendaal, een Afrikaanse mama met haar kleine jongen, en parkeerde de buggy op een staanplaats.

Het jongetje huilde. Zijn mama pakte hem op en nam hem in haar armen.

Driftig woelde hij haar sjaal los en graaide in haar décolleté. Ze protesteerde zacht maar liet hem begaan. Ze verdwenen in hun eigen kleine wereld – de zoon en zijn zogende moeder.

Toen hij voldaan was, sloot ze haar jas en legde hem tevreden terug in zijn koets.

Bij Hallepoort stapten ze uit. De tram reed verder alsof er niets was gebeurd.

Brusselse erwtensoep

We stonden achter elkaar in de rij voor de weegschaal van de groente-afdeling, twee Hollandse madammen in een Brusselse supermarkt. Zij met een prei in haar hand, ik met een prei en een winterpeen.

Buiten was het november.

‘Ik ga erwtensoep maken,’ zei ik tegen haar rug.

Verrast draaide ze zich om en lachte toen ze me herkende.

‘Dat is toevallig,’ riep ze uit. ‘Ik ook.’

De brievenbus

Zonder vragen deed ze wat hij haar vroeg. Als het hem gerust kon stellen, deed ze het gewoon. Ook al was hij het na een paar minuten al vergeten en zou hij het opnieuw vragen.

Soms dacht ze: ‘Deze keer doe ik het niet. Deze keer loop ik naar de gang, wacht bij de deur en kom weer terug.’

Maar hij liet zich niet misleiden. Hij moest haar naar buiten zien lopen. Zien dat ze de brievenbus opende, zich naar hem toekeerde en haar hoofd schudde. Ook al wisten ze allebei dat de postbode vandaag niet meer zou komen.

Begrip

‘Begrijp je dat dan niet?!’ zei de man. ‘Begrijp je niet dat als ik je iets vertel, jij het dan moet onthouden. Het op moet schrijven als je dat niet kunt. Zodat ik niet steeds opnieuw hetzelfde moet vertellen. Zodat ik niet het gevoel krijg dat ik een tegen een dichte deur praat.’

De vrouw keek op van haar tablet en knikte nadenkend met haar hoofd.

Toen zei ze: ‘Ja, dat begrijp ik.’

Ultra Kort Verhaal

Wat mosterd en een ei

Twee jaar geleden kregen we nieuwe onderburen.

Hij kwam diezelfde avond nog een kurkentrekker lenen – de hunne zat nog ingepakt – en zei ons dat we snel eens moesten komen voor een drink.

Wat maanden later kwamen ze om mosterd vragen en wij leenden een keer een ei. We zwaaiden en we deden kerstkaartjes in elkaars brievenbus. Zij hielden ons twee winters warm.

Vanmiddag reed de verhuiswagen met al hun huisraad door de poort.

Nu zijn ze weg. Het wordt een koude winter.